Tea time!

Na bijna 18 uur in een nachtbus van Kathmandu naar Kakarbhitta, met regelmatige wegblokkades, vervolgens een half uur door de stromende regen van busstation naar immigratiekantoor, via een lange brug de grens over, naar het volgende immigratiekantoor, naar het plein, weer een uur in de bus en vervolgens drie uur in een volgepropte jeep door de bergen was ik eindelijk aangekomen in een van de noordelijkste streken van India, het plaatsje Darjeeling. Darjeeling ligt op een paar kilometer hoogte in het grensgebied tussen de Gangesvallei en de Himalaya. Je hebt er dus prachtig uitzicht op drie van de vier hoogste bergen te wereld, waaronder Mount Everest. Tenminste gedurende tien maanden per jaar. In het regenseizoen is het hele gebied permanent gehuld in een dikke laag mist dus mag je blij zijn als je vanaf je hotelkamer de straat beneden kan zien.

Om toch wat van de Himalaya te weten te komen was een bezoek aan het Himalayan Mountaineering Institute (HMI) natuurlijk de beste optie. Hier kom je van alles te weten over welke expeditie in welk jaar met of zonder zuurstof en via welke van de 13 mogelijke routes de 8848 meter (ook hier verschillen de meningen over) naar de top heeft afgelegd. De consensus is wel dat de Nieuw-Zeelander Edmund Hillary samen met zijn sjerpa Tenzing Norgay(die hier veel beroemder is) de eersten waren. Norgay is later jarenlang betrokken geweest bij het HMI en is er zelfs gecremeerd, waarna er voor hem een standbeeld is opgericht. Inmiddels hebben zoveel mensen de top bereikt dat ze van gekkigheid niet meer weten welke records ze moesten verzinnen. Wie was bijvoorbeeld de eerste Noord-Amerikaanse vrouw die zonder zuurstof via de zuidelijke route de top bereikte? Nee, ik weet het ook niet...

Het HMI is trouwens gevestigd in een kleine dierentuin waarin alleen diersoorten te vinden zijn die voorkomen in de oostelijke Himalaya. Via fokprogramma's proberen ze bepaalde soorten beren, tijgers en luipaarden voor uitsterven de bedreigen, maar ook minder gevaarlijke diersoorten zoals blaffende herten en de zeldzame roodharige panda. Verder natuurlijk apen (maar dan een grijsharige soort uit de Himalaya, civertkatten en veel pauwen en andere vogels). Met het slechte weer is er van de bergen en de dieren in het echt weinig te zien.

Maar gelukkig staat Darjeeling bekend om meer dan alleen het uitzicht. Juist ja, de thee! Mijn bezoek aan de Happy Valley Tea Estate verliep echter anders dan gepland. Na enig twijfelen daalde ik af naar de fabriek waar je volgens de reisgids een rondleiding kon krijgen voor 20 rupees (40 eurocent), maar de fabriek was niet in bedrijf. Mijn gulden regel om nooit via dezelfe weg terug te lopen resulteerde erin dat ik na een wandeling door een dorpje met kleihutjes uiteindelijk via een soort jungletocht door de bosjes op een steile helling en een steile klim via een bergbeekje (het was achteraf gezien toch geen pad) midden in een theeveld eindigde. Het was ondertussen stevig gaan regenen, dus de lol was er wel een beetje af.

Gelukkig geldt nog steeds eind goed al goed. De vermoeide dagtocht eindige ik om stipt fout o'clock, kletsnet en met ernstig bevlekte broekspijpen in het sjieke Elgin hotel voor een verkwikkende high tea, compleet met cake en sandwiches voor nog geen vijf euri. Mijn angst dat ze me in mijn toestand niet zouden binnenlaten in het prachtige interieur bleek ongegrond: de uitermatige smerige hond van de eigenaar lag, aan de ketting weliswaar, lekker uit te rusten op een antieke leren sofa.

Lees verder...